Vertaling van abilities van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

abilities

': talent, begaafdheden, natuurlijke gaven
Transcriptie: [əˈbɪlɪtiz]

Voorbeelden

persoonlijke of individuele vaardigheden


natural abilities

— natuurlijke vaardigheden

personal abilities

— persoonlijke vaardigheden

individual abilities

— individuele vaardigheden

abilities and skills

— vaardigheden en bekwaamheden

abilities for self-control

— vermogen tot zelfbeheersing; zelfcontrolevermogen

latent abilities

— latente vaardigheden; verborgen vaardigheden

cognitieve of verstandelijke vaardigheden


cognitive abilities

— cognitieve vaardigheden

mental abilities

— verstandelijke vaardigheden

reasoning abilities

— redeneervermogen

verbal abilities

— verbale vaardigheden; taalvaardigheden

memory abilities

— geheugenvaardigheden; geheugencapaciteit

analytical abilities

— analytische vaardigheden

fysieke of motorische vaardigheden


physical abilities

— fysieke vaardigheden

motor abilities

— motorische vaardigheden

athletic abilities

— sportieve vaardigheden

endurance abilities

— uithoudingsvermogen

fine motor abilities

— fijne motoriek; vaardigheid in precieze bewegingen

gross motor abilities

— grove motoriek; vaardigheid in grote bewegingen

beroepsgerelateerde vaardigheden; werkvaardigheden


job-related abilities

— beroepsvaardigheden; werkgerelateerde vaardigheden

technical abilities

— technische vaardigheden

leadership abilities

— leiderschapsvaardigheden

management abilities

— managementvaardigheden

organizational abilities

— organisatorische vaardigheden

programming abilities

— programmeervaardigheden

sociale of interpersoonlijke vaardigheden


social abilities

— sociale vaardigheden

interpersonal abilities

— interpersoonlijke vaardigheden

communication abilities

— communicatieve vaardigheden

emotional abilities

— emotionele vaardigheden

conflict resolution abilities

— conflictoplossende vaardigheden

teamwork abilities

— teamvaardigheden; vaardigheid in teamwerk

creatieve of artistieke vaardigheden


creative abilities

— creatieve vaardigheden

artistic abilities

— artistieke vaardigheden

musical abilities

— muzikale vaardigheden

imaginative abilities

— verbeeldingsvermogen; fantasierijkheid

design abilities

— ontwerpvaardigheden

creative problem-solving abilities

— creatieve probleemoplossende vaardigheden

adaptieve of leerbare vaardigheden


learning abilities

— leervermogen; leerbaarheid

adaptive abilities

— adaptieve vaardigheden

abilities to cope

— copingvaardigheden; vermogen om ermee om te gaan

transferable abilities

— overdraagbare vaardigheden; universele vaardigheden

acquisition abilities

— verwervingsvaardigheden

technische of digitale vaardigheden


computer abilities

— computervaardigheden

digital abilities

— digitale vaardigheden

coding abilities

— programmeervaardigheden; codeervaardigheden

data analysis abilities

— data-analysevaardigheden

technical troubleshooting abilities

— technische probleemoplossende vaardigheden

aangeboren of natuurlijke vaardigheden


innate abilities

— aangeboren vaardigheden

inborn abilities

— innate vaardigheden; aangeboren vaardigheden

natural abilities

— natuurlijke vaardigheden

genetic abilities

— genetische vaardigheden

medische of functionele vaardigheden


functional abilities

— functionele vaardigheden

abilities to perform daily activities

— vermogen om dagelijkse activiteiten uit te voeren

sensory abilities

— sensorische vaardigheden

visual abilities

— visuele vaardigheden

hearing abilities

— gehoorvaardigheden