Vertaling van accept van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

accept

': accepteren, aanvaarden, aannemen
Transcriptie: [əkˈsept]

Woordenboekartikel

verb

  1. accepteren (assume)
  2. aanvaarden (take)
  3. aannemen (adopt)
  4. geaccepteerd (adopt)
  5. aanvaard (agree)
  6. akkoord (agree)
  7. nemen (take)
  8. toegelaten (tolerate)
  9. aanvaarding f
  10. instemmen (approve)

Voorbeelden

instemming, het aannemen van een voorstel


accept an invitation

— een uitnodiging aannemen

accept an offer

— een aanbod aannemen

accept a job offer

— een baanaanbod aannemen

accept terms and conditions

— de voorwaarden aanvaarden

accept a proposal

— een voorstel aannemen

het ontvangen en aannemen van goederen en betalingen


accept a gift

— een geschenk aannemen

accept payment

— betaling aannemen

accept cash

— contant geld aannemen

accept credit cards

— creditcards accepteren

accept donations

— donaties aannemen

het erkennen van feiten of waarheid


accept the truth

— de waarheid aanvaarden

accept reality

— de werkelijkheid aanvaarden

accept as true

— als waar erkennen

accept the results

— de resultaten accepteren

verantwoordelijkheid en schuld op zich nemen


accept responsibility

— verantwoordelijkheid op zich nemen; de verantwoordelijkheid erkennen

accept the blame

— de schuld op zich nemen

accept liability

— aansprakelijkheid aanvaarden

het aanvaarden van excuses, hulp en emoties


accept an apology

— een verontschuldiging aanvaarden

accept help

— hulp aanvaarden

accept someone's feelings

— iemands gevoelens accepteren

accept oneself

— zichzelf accepteren

omgaan met kritiek, tegenslag en veranderingen


accept criticism

— kritiek accepteren

accept defeat

— een nederlaag erkennen

accept the consequences

— de gevolgen aanvaarden

accept change

— verandering accepteren

officiële processen, toelating en inschrijving


accept applications

— aanvragen aannemen; inschrijvingen aannemen

accept submissions

— inzendingen aannemen

accept someone into a program

— iemand tot een programma toelaten; iemand voor een cursus aannemen

accept an appointment

— instemmen met een benoeming

idiomatische uitdrukkingen


accept terms

— instemmen met de voorwaarden

accept a challenge

— een uitdaging aannemen

accept an invitation to speak

— toestemmen om te spreken