Vertaling van asset van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

asset

': aanwinst, bezit, pluspunt, voordeel, creditpost
Transcriptie: [ˈæset]

Woordenboekartikel

noun

  1. aanwinst f
  2. pluspunt n (plus point)
  3. activum n
  4. Asset n
  5. troef m
  6. bedrijfsmiddel n (business asset)
  7. element n
  8. bezit
  9. voordeel
  10. creditpost

Voorbeelden

eigendom en activa


 

company assets

— bedrijfsactiva
 

fixed assets

— vaste activa
 

current assets

— vlottende activa
 

net assets

— nettoactiva

financiën en kapitaal


 

liquid assets

— liquide middelen
 

financial assets

— financiële activa
 

asset value

— actiefwaarde
 

asset management

— actiefbeheer

voor- en nadelen en waardevolle kwaliteiten


 

a major asset

— een groot voordeel
 

an important asset

— een belangrijke troef
 

a real asset

— een echte aanwinst
 

an asset to the team

— een aanwinst voor het team