Vertaling van assign van Engels naar Nederlands
Vertaling van het woord '
assign
Transcriptie: [əˈsaɪn]
Woordenboekartikel
verb
- toewijzen (allocate)
- overdragen (transfer)
- aanwijzen (designate)
- wijzen (allocate)
- wijs (allocate)
- toekennen (allocate)
- kennen
- toewijzing f (allocate)
- geven (specify)
- koppelen (associate)
noun
- verleend
- afstaan
- rechtverkrijgende
- cessionaris
Voorbeelden
benoemen in een functie
assign a manager
— een manager aanwijzenassign someone to a post
— iemand op een post benoemenassign duties
— taken toewijzenassign a teacher
— een leraar benoementoekennen en toeschrijven
assign a name
— een naam gevenassign blame
— de schuld gevenassign meaning
— betekenis gevenassign a value
— een waarde toekennentoewijzen en reserveren
assign a room
— een kamer toewijzenassign seats
— plaatsen toewijzenassign funds
— middelen toewijzenassign a role
— een rol toebedelenopleggen en opgeven
assign responsibility
— verantwoordelijkheid leggenassign a task
— een taak opgevenassign homework
— huiswerk opgevenassign conditions
— voorwaarden stellenjuridisch en zelfstandig naamwoord
assign rights
— rechten overdragenassign a claim
— een vordering overdragenan assign
— een rechtsopvolgerassignment
— toewijzing, overdracht