Vertaling van bounce van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

bounce

': stuiteren, veerkracht, springen, opspringen, terugkaatsen
Transcriptie: [baʊns]

Woordenboekartikel

verb

  1. stuiteren (Bouncing)
  2. springen (jump)
  3. bounce m
  4. opspringen
  5. terugkaatsen
  6. bonzen
  7. opsnijden
  8. opsnijen
  9. snoeven

noun

  1. sprong m (jump)
  2. kaatsen (rebound)
  3. veerkracht
  4. terugstoot

Voorbeelden

fysieke stuitering, beweging na een botsing


bounce a ball

— een bal stuiteren

bounce off the wall

— van de muur af stuiteren

bounce high

— hoog stuiteren

bounce along the ground

— over de grond stuiteren

herstel, terugkeer naar de oorspronkelijke toestand


bounce back

— terugveren

bounce back from illness

— hersteld zijn van een ziekte

bounce back from defeat

— hersteld zijn van een nederlaag

bounce back quickly

— snel herstellen

e-mail, bezorgfouten


bounced email

— teruggestuurde e-mail

email bounce

— weigeren van e-mailbezorging

bounce message

— niet-bezorgbericht

financiën, bankzaken


bounce a check

— een cheque laten terugkomen

check bounced

— cheque is teruggekomen

ideeën met iemand bespreken


bounce ideas off someone

— ideeën bij iemand toetsen

bounce ideas around

— ideeën uitwisselen

bounce off someone

— een idee aan iemand voorleggen

bouncepercentage


bounce rate

— het bouncepercentage verlagen

reduce bounce rate

— hoog bouncepercentage

high bounce rate

— fotografie, belichting of flits

de flits terugkaatsen


bounce the flash

— gereflecteerd licht

bounce light

— kinderen, entertainment of springkussens

springkasteel


bounce house

— kinderen die stuiteren

kids bouncing

— idioom over gedrag, beweging of verplaatsing

hyperactief zijn


bounce off the walls

— heen en weer rennen

bounce around

— heen en weer gaan tussen

bounce between

— heen en weer gaan tussen