Vertaling van broken van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

broken

': kapot, defect, stuk, geradbraakt
Transcriptie: [ˈbrəʊkən]   US     UK 

Woordenboekartikel

participle

  1. gebroken (broke)
  2. onderverdeeld (divided)
  3. opgesplitst (divided)

adjective

  1. verbroken
  2. afgebroken (break down)
  3. gesplitst (divided)
  4. onderbroken
  5. breken (break down)
  6. breekt (break down)
  7. verbreken
  8. geschonden
  9. gekraakt
  10. kapot