Vertaling van bunch van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

bunch

': bos, tros, stel, groep, bundel
Transcriptie: [bʌntl]

Woordenboekartikel

noun

  1. bos n
  2. stel
  3. groep f (cluster)
  4. bundel m (bundle)
  5. heleboel (plenty)
  6. stelletje n
  7. hoop m (lot)
  8. stapel m (bundle)
  9. bende f (gang)
  10. troep f

verb

  1. bosjes vormen
  2. aan bosje binden
  3. zich in bosjes verenigen
  4. in plooien samentrekken
  5. aan elkaar hangen

Voorbeelden

bos en bundel


a bunch of keys

— een bos sleutels

a bunch of flowers

— een bos bloemen

a bunch of grapes

— een tros druiven

a bunch of herbs

— een bos kruiden

groep mensen


a bunch of friends

— een stel vrienden

a bunch of kids

— een troep kinderen

a bunch of strangers

— een groep vreemden

a bunch of hooligans

— een bende hooligans

samenklonteren


bunch together

— samenklonteren

bunch up

— opbollen

bunch the fabric

— de stof plooien

bunch into clusters

— zich in trossen verzamelen