Vertaling van busy van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

busy

': druk, bezig, bezet, bezighouden, naarstig
Transcriptie: [ˈbɪzɪ]   US     UK 

Woordenboekartikel

noun

  1. bezig (involved)
  2. bezighouden (involved)
  3. drukke (vibrant)
  4. drukte f
  5. hectisch
  6. zware

verb

  1. bezet (occupied)

adjective

  1. druk
  2. naarstig
  3. rusteloos
  4. druk bedrijvig
  5. bemoeiziek