Vertaling van button van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

button

': knop, knoop, knopen, dichtknopen, dop
Transcriptie: [bʌtn]

Woordenboekartikel

noun

  1. knop m (key, click, radio button)
  2. dichtknopen n
  3. toets m
  4. button m
  5. keuzerondje n
  6. schakelaar m (switch)
  7. knoop
  8. dop

verb

  1. knopen
  2. vastknopen
  3. dichtgaan

Voorbeelden

knoop of knop


shirt button

— overhemdknoop

top button

— bovenste knoop; bovenste sluiting

button hole

— knoopsgat

sew on a button

— een knoop aannaaien

loose button

— loszittende knoop; bungelende knoop

fysieke knop, bedieningsorgaan


press the button

— op de knop drukken

push the button

— op de knop drukken

hold down the button

— de knop ingedrukt houden

release the button

— de knop loslaten

power button

— aan/uit-knop; inschakelknop

reset button

— resetknop; herstelknop

interface, knop op het scherm


click the button

— op de knop klikken; met de muis op de knop drukken

submit button

— verzendknop; knop 'verzenden'

back button

— terugknop; knop 'terug'

start button

— startknop; knop 'start'

radio button

— radioknop; keuzerondje

button label

— knoplabel; tekst op de knop

uitdrukkingen of vaste combinaties


push someone's buttons

— iemands zwakke plekken raken; iemand ergeren

don't push my buttons

— daag me niet uit; maak me niet kwaad

the big red button

— de grote rode knop; metafoor voor een beslissende actie

scheidbare werkwoorden met button


button up

— dichtknopen; in orde brengen

button down

— dichtknopen; vastzetten

button through

— helemaal dichtknopen; door een knoopsgat halen

bijzondere betekenissen of andere gevallen


panic button

— noodknop; alarmknop

call button

— oproepknop; personeelsbel

doorbell button

— deurbelknop; belknop

button battery

— knoopcelbatterij; platte batterij