Vertaling van buying van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

buying

': kopen, aankopen, inkopen, omkopen
Transcriptie: [ˈbaɪɪŋ]

Woordenboekartikel

participle

  1. koopproces n (buying process)

verb

  1. kopen
  2. aankopen
  3. inkopen
  4. omkopen

Voorbeelden

het kopen


buying goods

— het kopen van goederen

buying a house

— het kopen van een huis

buying and selling

— het kopen en verkopen

buying power

— koopkracht

het koop-proces


buying online

— online kopen

buying in bulk

— in bulk kopen

buying locally

— lokaal kopen

buying on credit

— op krediet kopen

consumentenvraag


buying habits

— koopgewoonten

buying behavior

— koopgedrag

buying decisions

— aankoopbeslissingen

buying patterns

— aankooppatronen