Vertaling van coach van Engels naar Nederlands
Vertaling van het woord '
coach
Transcriptie: [koʊtʃ] US
UK
Woordenboekartikel
noun
- coach m (coaching, instructor)
- trainer m
- bus m (bus)
- busstation n
- busdienst m
- koetshuis n (coach house)
- begeleider m (tutor, instructor)
- instructeur m
- getraind (train)
- leraar m (teacher)
verb
- trainen (train)
- coachen (coaching)
- begeleiden (guide)
- africhten
- onderwijzen
- lessen geven
- opvoeden