Vertaling van confidence van Engels naar Nederlands
Vertaling van het woord '
confidence
Transcriptie: [ˈkɒnfɪdəns]
Woordenboekartikel
noun
- vertrouwen n (trust, confident)
- geloof n (trust, faith)
- zelfvertrouwen n
- vertrouwensrelatie f
- confidentie f
- vertrouwelijk (confidentiality)
- zekerheid f (assurance)
- betrouwbaarheid f (credibility)
- overtuiging f
- zelfverzekerd (confident)
Voorbeelden
zelfvertrouwen
self-confidence
— zelfvertrouwengrow in confidence
— meer zelfvertrouwen krijgenconfidence in oneself
— vertrouwen in jezelfconfidence in your abilities
— vertrouwen in je kunnenvertrouwen en geloof
confidence in someone
— vertrouwen in iemandhave confidence in
— vertrouwen hebben in, geloven inconfidence in the team
— vertrouwen in het teamconfidence in the future
— vertrouwen in de toekomstzelfverzekerde toon
speak with confidence
— zelfverzekerd sprekenact with confidence
— zelfverzekerd optredenproject confidence
— zelfvertrouwen uitstralenconfidence in your voice
— zelfverzekerdheid in je stemvertrouwelijkheid
in confidence
— in vertrouwentell someone in confidence
— iemand in vertrouwen iets vertellenshare something in confidence
— iets in vertrouwen delenkeep it in confidence
— het vertrouwelijk houdenpolitiek en economie
vote of confidence
— motie van vertrouwenconfidence vote
— vertrouwensstemmingconfidence crisis
— vertrouwenscrisisrestore confidence
— vertrouwen herstellen