Vertaling van couple van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

couple

': paar, koppel, echtpaar, koppelen, paren
Transcriptie: [kʌpl]

Woordenboekartikel

noun

  1. paar (pair)
  2. echtpaar n (married couple)
  3. combinatie f (combine)
  4. twee
  5. tweetal (pair)
  6. duo n
  7. koppel
  8. echtelieden
  9. span
  10. koppelband

verb

  1. koppelen
  2. paren
  3. verenigen
  4. verbinden

Voorbeelden

paar mensen of dingen


 

a couple of friends

— een paar vrienden
 

a couple of chairs

— een paar stoelen
 

the couple next door

— het paar van hiernaast
 

a married couple

— een getrouwd paar
 

a young couple

— een jong paar

een paar, enkele


 

a couple of days

— een paar dagen
 

a couple of minutes

— een paar minuten
 

a couple of times

— een paar keer
 

a couple of questions

— een paar vragen
 

a couple more

— nog een paar

paren, verbinden


 

couple A with B

— A met B paren
 

couple theory with practice

— theorie met praktijk verbinden
 

couple the wires

— de draden verbinden
 

couple the engine to the pump

— de motor aan de pomp koppelen

koppelen, aan elkaar koppelen


 

couple the train cars

— de treinwagons koppelen
 

couple the trailer to the car

— de aanhanger aan de auto koppelen
 

couple the parts together

— de onderdelen verbinden
 

couple up

— koppelen; verbinden