Vertaling van dabbler van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

dabbler

': knutselaar, amateur, dilettant, knoeier
Transcriptie: [ˈdæblər]

Voorbeelden

casual dabbler in painting

— toevallige liefhebber van schilderen

dabbler in photography

— liefhebber van fotografie

occasional dabbler in writing

— incidentele liefhebber van schrijven

dabbler in gardening

— liefhebber van tuinieren

amateur dabbler in coding

— amateur-knutselaar in programmeren

dabbler in culinary arts

— liefhebber van kookkunst

dabbler in design

— experimenteerder in design

uncommitted dabbler in sports

— niet-serieuze sportliefhebber

weekend dabbler in music

— weekendmuzikant

dabbler in languages

— liefhebber van talenstudie