Vertaling van employ van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

employ

': dienst, gebruiken, werk, aanwenden, in dienst hebben
Transcriptie: [ɪmˈplɔɪ]   US     UK 

Woordenboekartikel

verb

  1. gebruiken (operate)
  2. werk n (work)
  3. aanwenden (use)
  4. aannemen (adopt)
  5. huren (lease)
  6. maken (use)
  7. gebruik n (use)
  8. hanteren (adopt)
  9. toepassen (implement)
  10. gebruikmaken (use)

noun

  1. werken (operate)
  2. tewerkstelling f (employment)
  3. werkgelegenheid f
  4. benut (use)
  5. werven (hire)
  6. dienst
  7. bezigheid
  8. ambt