Vertaling van evangelical van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

evangelical

': evangelisch
Transcriptie: [iːvænˈʤelɪkəl]   US     UK 

Woordenboekartikel

noun

  1. Evangelisch n (evangelist)

Voorbeelden

religieus


 

evangelical faith

— evangelisch geloof
 

evangelical church

— evangelische kerk
 

evangelical teaching

— evangelische leer
 

evangelical Christians

— evangelische christenen

protestants


 

evangelical movement

— evangelische beweging
 

evangelical denomination

— evangelische denominatie
 

evangelical ministry

— protestantse bediening
 

evangelical mission

— evangelische missie

ijverig


 

evangelical zeal

— religieuze ijver
 

evangelical fervor

— religieus vuur
 

evangelical conviction

— diepe overtuiging
 

evangelical enthusiasm

— religieus enthousiasme