Vertaling van evangelist van Engels naar Nederlands
Vertaling van het woord '
evangelist
Transcriptie: [ɪˈvænʤɪlɪst]
Woordenboekartikel
noun
- evangelist m
- Evangelisch n (evangelical)
- Evangelista n
- evangelieprediker
Voorbeelden
prediker
a Christian evangelist
— een christelijke evangeliepredikeran itinerant evangelist
— een rondreizende evangeliepredikera revival evangelist
— een opwekkingspredikerevangelist
the evangelist Matthew
— de evangelist Matteüsthe evangelist Mark
— de evangelist Marcusthe evangelist John
— de evangelist Johannesevangelieprediking
evangelist preaching
— prediking van de evangelistevangelist meetings
— evangelisatiebijeenkomstenevangelist work
— evangelisatiewerkvoorvechter
an evangelist for reform
— een voorvechter van hervormingenan evangelist for change
— een voorvechter van veranderingan evangelist for open source
— een voorvechter van opensource