Vertaling van exit van Engels naar Nederlands
Vertaling van het woord '
exit
Transcriptie: [ˈegzɪt]
Woordenboekartikel
verb
- afsluiten (quit)
- sluiten
- verlaten (quit)
- verlaat (quit)
- afgesloten (quit)
- beëindigen (end, quit)
- stoppen
- af (quit)
- vertrek n (departure)
- weggaan (leave)
noun
- uitgang m (departure, output)
- output m
- uitstappen (leave)
- beëindigd (end)
- uitkomen (come)
- uitweg
- dood
Voorbeelden
fysieke uitgang of uitgangspunt
exit door
— uitgangsdeur; deur naar buitenemergency exit
— nooduitgang; vluchtuitgangmain exit
— hoofduitgangback exit
— achteruitgang; nooduitgangside exit
— zijuitgangexit gate
— uitgangspoort; poort voor uitgangexit ramp
— afrit van de snelweg; afrit van de autosnelwegexit lane
— afritstrook; strook voor afritexit route
— uitgangsroute; evacuatierouteborden en aanwijzingen
exit sign
— uitgangsbord; uitgangsindicatorexit only
— alleen uitgang; alleen voor uitgangkeep exit clear
— uitgang vrijhouden; uitgang niet blokkerenfire exit
— branduitgang; uitgang bij brandmarked exit
— aangegeven uitgang; gemarkeerde uitgangacties met betrekking tot uitgang
to exit the building
— het gebouw verlaten; het gebouw uitgaanto exit the room
— de kamer verlaten; de kamer uitgaanto exit the highway
— de snelweg afrijden; de autosnelweg verlatento exit the stage
— het podium verlaten; van het podium afgaanto exit the program
— het programma verlaten; het programma afsluitenexit gracefully
— netjes afsluiten; waardig vertrekkencomputer- en technische termen
exit code
— exitcode; afsluitcodeexit status
— exitstatus; afsluitcodeexit command
— exitcommando; afsluitcommandoexit button
— exitsknop; afsluitknopforced exit
— gedwongen afsluiting; geforceerde sluitingzaken, politiek of financiën
exit strategy
— exitstrategie; uittredingsstrategieexit plan
— exitsplan; uittredingsplanexit interview
— uitstapgesprek; vertrekinterviewexit poll
— exitspeiling; opiniepeiling bij stembureauexit fee
— uittredingsvergoeding; vertrekvergoedingexit tax
— vertrekbelasting; belasting bij vertrektransport, luchtvaart en geneeskunde
exit row
— nooduitgangsrij; rij bij nooduitgangemergency exit row
— rij bij nooduitgang; rij naast nooduitgangexit wound
— uitschotwond; uitgangswondexit ramp sign
— afritbord; bord voor afrit van snelwegidiomen en overdrachtelijke betekenissen
exit stage left
— het podium aan de linkerkant verlaten; snel vertrekkenmake a quick exit
— snel vertrekken; haastig weggaanforced exit
— gedwongen vertrek; gedwongen uitsluitingexit strategy (в переносном смысле)
— exitstrategie; manier om uit een situatie te komen