Vertaling van expenditure van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

expenditure

': uitgaven, uitgave, verbruik, uitgaaf, het uitgeven
Transcriptie: [ɪksˈpendɪʧə]

Woordenboekartikel

noun

  1. kosten f (expenses)
  2. onkosten f (expenses)
  3. kostenpost m (expenses)
  4. uitgaven
  5. uitgave
  6. verbruik
  7. uitgaaf
  8. het uitgeven

Voorbeelden

Overheids- of begrotingsuitgaven


public expenditure

— overheidsuitgaven; begrotingsuitgaven

government expenditure

— overheidsuitgaven

defence expenditure

— defensie-uitgaven; militaire uitgaven

social expenditure

— sociale uitgaven; uitgaven voor sociale zekerheid

healthcare expenditure

— zorguitgaven; kosten voor medische zorg

education expenditure

— onderwijsuitgaven

Kapitaal- of investeringsuitgaven


capital expenditure

— kapitaaluitgaven; investeringsuitgaven

capital expenditure on infrastructure

— kapitaaluitgaven voor infrastructuur

capital expenditure programme

— programma voor kapitaaluitgaven

capital expenditure budget

— begroting voor kapitaaluitgaven

Operationele of lopende uitgaven


operating expenditure

— operationele uitgaven; lopende uitgaven

recurrent expenditure

— terugkerende uitgaven; regelmatige uitgaven

day-to-day expenditure

— dagelijkse uitgaven; lopende dagelijkse uitgaven

current expenditure

— lopende uitgaven

Zakelijke of bedrijfsuitgaven


business expenditure

— zakelijke uitgaven; bedrijfsuitgaven

company expenditure

— uitgaven van het bedrijf; bedrijfsuitgaven

marketing expenditure

— marketinguitgaven; marketingkosten

research and development expenditure

— uitgaven voor onderzoek en ontwikkeling; kosten voor R&D

sales expenditure

— verkoopuitgaven; verkoopkosten

Persoonlijke of gezinsuitgaven


personal expenditure

— persoonlijke uitgaven

household expenditure

— huishoudelijke uitgaven; gezinsuitgaven

discretionary expenditure

— discretionaire uitgaven; uitgaven naar eigen goeddunken

essential expenditure

— noodzakelijke uitgaven; verplichte uitgaven

Controle, registratie of vermindering van uitgaven


expenditure control

— uitgavencontrole

expenditure tracking

— uitgavenregistratie; controle op uitgaven

expenditure review

— herziening van uitgaven; analyse van uitgaven

reduction of expenditure

— vermindering van uitgaven; verlaging van uitgaven

expenditure approval

— goedkeuring van uitgaven

Financiële indicatoren, rapporten of ratio's


total expenditure

— totale uitgaven; totale kosten

expenditure to gdp ratio

— verhouding uitgaven-bbp

primary expenditure

— primaire uitgaven

expenditure report

— uitgavenrapport; verslag over uitgaven

Planning en prognoses van uitgaven


planned expenditure

— geplande uitgaven

projected expenditure

— verwachte uitgaven; geraamde uitgaven

expenditure forecast

— uitgavenprognose

expenditure allocation

— allocatie van uitgaven; toewijzing van middelen