Vertaling van express van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

express

': uitdrukkelijk, uiten, uitdrukken, expresse, exprestrein
Transcriptie: [ɪksˈpres]   US     UK 

Woordenboekartikel

verb

  1. uiten (show, speak)
  2. uitdrukken
  3. uitdrukking f (manifest, expression)
  4. expressie f
  5. uiting f (reflect)
  6. betuigen
  7. kenbaar (state)
  8. verwoorden (voice)
  9. uitspreken (voice)
  10. blijk (show)

noun

  1. uitdrukkelijk (explicit)
  2. uitgesproken (articulate)
  3. beschrijven (describe)
  4. expresse
  5. exprestrein
  6. sneltrein

adjective

  1. opzettelijk
  2. bepaald
  3. speciaal

adverb

  1. per expresse