Vertaling van eyesight van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

eyesight

': gezichtsvermogen, gezicht
Transcriptie: [ˈaɪsaɪt]

Woordenboekartikel

noun

  1. gezichtsvermogen n (vision)
  2. gezicht

Voorbeelden

gezichtsvermogen, oogsterkte


good eyesight

— goed gezichtsvermogen

perfect eyesight

— perfect gezichtsvermogen

keen eyesight

— scherp zicht; scherp gezichtsvermogen

sharp eyesight

— scherp gezichtsvermogen

reduced eyesight

— verminderd gezichtsvermogen; verminderde gezichtsscherpte

night eyesight

— nachtzicht; zicht in het donker

20/20 eyesight

— normaal gezichtsvermogen; twintig op twintig zicht

problemen met of achteruitgang van het gezichtsvermogen


poor eyesight

— slecht gezichtsvermogen

deteriorating eyesight

— verslechterend gezichtsvermogen; progressieve achteruitgang van het gezichtsvermogen

impaired eyesight

— verminderd gezichtsvermogen; aangedaan gezichtsvermogen

eyesight loss

— verlies van het gezichtsvermogen

partial eyesight loss

— gedeeltelijk verlies van het gezichtsvermogen

handelingen of toestanden die verband houden met de ogen


lose one's eyesight

— zijn gezichtsvermogen verliezen

keep one's eyesight

— zijn gezichtsvermogen behouden

protect one's eyesight

— zijn gezichtsvermogen beschermen

rely on one's eyesight

— op zijn gezichtsvermogen vertrouwen

restore eyesight

— het gezichtsvermogen herstellen

controle of correctie van het gezichtsvermogen


eyesight test

— oogtest; gezichtsvermogenstest

eyesight examination

— oogonderzoek; onderzoek van het gezichtsvermogen

eyesight correction

— correctie van het gezichtsvermogen

corrected eyesight

— gecorrigeerd gezichtsvermogen

eyesight prescription

— recept voor een bril; voorschrift voor contactlenzen

metaforische en ruimtelijke uitdrukkingen


within eyesight

— binnen het gezichtsveld

out of eyesight

— buiten het gezichtsveld; buiten zicht

in one's eyesight

— in het gezichtsveld

keep something in eyesight

— iets in het oog houden; iets in het vizier houden

have eagle eyesight

— adelaarsogen hebben; scherp zicht hebben