Vertaling van festivity van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

festivity

': feestelijkheid, feestvreugde, vermaak, amusement
Transcriptie: [fesˈtɪvɪtɪ]

Woordenboekartikel

noun

  1. feestelijkheid f
  2. festiviteit f (celebration, festival)
  3. feest n
  4. festival n
  5. feestdag m (celebration)
  6. feestvreugde
  7. vermaak
  8. amusement

Voorbeelden

algemene stemming of sfeer


 

an air of festivity

— een feestelijke sfeer
 

a spirit of festivity

— een geest van feestvreugde
 

an atmosphere of festivity

— een feestelijke atmosfeer

feestelijke tijd of evenement


 

a day of festivity

— een dag van feestelijkheid
 

a season of festivity

— een feestseizoen
 

a moment of festivity

— een moment van feestvreugde

voorbereiding of organisatie


 

festivity preparations

— feestvoorbereidingen
 

festivity arrangements

— feestelijke regelingen
 

festivity planning

— feestplanning

deelnemen of acties


 

to join in the festivity

— deelnemen aan de feestvreugde
 

to mark the festivity

— het feest vieren
 

to welcome the festivity

— het feest verwelkomen

soorten feesten of format


 

public festivity

— openbaar feest
 

private festivity

— privéfeest
 

local festivity

— lokaal feest

feestelijkheid en vrolijkheid


 

festivity and merriment

— feest en muziek
 

festivity and music

— feest en muziek
 

festivity continues

— het feest gaat door