Vertaling van fit van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

fit

': geschikt, aanpassen, monteren, passend, gepast
Transcriptie: [fɪt]   US     UK 

Woordenboekartikel

verb

  1. passend (fitting)
  2. passen (suit)
  3. pasten
  4. overeen (correspond)
  5. overeenkomen (correspond)
  6. past n
  7. rusten (equip)
  8. aanpassen
  9. monteren
  10. voorzien

noun

  1. geschikt (suit)
  2. gepast (appropriate)
  3. uitrusten (equip)
  4. fit n (fitting)
  5. aanval
  6. toeval
  7. stuip
  8. vlaag
  9. beroerte
  10. bui

adjective

  1. bruikbaar
  2. behoorlijk
  3. gezond
  4. betamelijk
  5. in goede conditie
  6. dienstig