Vertaling van full-fledged van Engels naar Nederlands
Vertaling van het woord '
full-fledged
Voorbeelden
volwaardig, volledig ontwikkeld
a full-fledged adult
— een volwaardige volwassenea full-fledged product
— een volwaardig product; een volledig af producta full-fledged program
— een volwaardig programma; een volledig functioneel programmaa full-fledged ecosystem
— een volwaardig ecosysteema full-fledged feature
— een volwaardige functie; een volledig uitgeruste mogelijkheidstatus, recht of lidmaatschap
a full-fledged member
— een volwaardig lida full-fledged citizen
— een volwaardig burgera full-fledged partner
— een volwaardige partnera full-fledged university
— een volwaardige universiteit; een universiteit met volledige accreditatieprofessioneel, gekwalificeerd of competent
a full-fledged professional
— een volwaardige professional; een volledig gekwalificeerde specialista full-fledged doctor
— een volwaardige arts; een volledig gekwalificeerde artsa full-fledged lawyer
— een volwaardige advocaat; een volledig gekwalificeerde advocaata full-fledged engineer
— een volwaardig ingenieur; een volledig gekwalificeerde ingenieurvolledig functioneel, volledig werkend of operationeel
a full-fledged service
— een volwaardige dienst; een dienst met een volledige functieseta full-fledged app
— een volwaardige app; een app met een volledige functieseta full-fledged system
— een volwaardig systeem; een volledig werkend systeema full-fledged platform
— een volwaardig platform; een platform met een volledige set mogelijkhedenvolwaardig, uitgebreid of grootschalig (over conflict, crisis)
a full-fledged war
— een volwaardige oorlog; een grootschalige oorloga full-fledged conflict
— een uitgebreid conflict; een volwaardig conflict; een grootschalig conflicta full-fledged crisis
— een volwaardige crisis; een uitgebreide crisisorganisatie, bedrijf of relatie
a full-fledged company
— een volwaardig bedrijf; een volwaardige onderneminga full-fledged government
— een volwaardige regering; een functionerende regeringa full-fledged relationship
— een volwaardige relatie; een stabiele relatie