Vertaling van glass van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

glass

': glas, glazen, glaswerk, vergrootglas, drinkglas
Transcriptie: [glɑːs]

Woordenboekartikel

noun

  1. glas n (cup)
  2. beker m (cup)
  3. glaswerk
  4. vergrootglas
  5. drinkglas
  6. verrekijker
  7. glasje
  8. broeikas

verb

  1. beglazing f (glazing)
  2. glazeren
  3. verglazen
  4. afspiegelen
  5. weerkaatsen

adjective

  1. glazen

Voorbeelden

glas als materiaal of glazen voorwerpen


a sheet of glass

— een vel glas

broken glass

— gebroken glas; glasscherven

glassware

— glaswerk

stained glass

— glas-in-lood

glass bead

— glazen kraal

drinkglazen en bekers


a drinking glass

— een drinkglas

wine glass

— wijnglas

glass tumbler

— tumbler

shot glass

— borrelglas; shotglas

glass cup

— glazen kopje

ramen, etalages en dubbel glas


window glass

— vensterglas

glass pane

— glasruit

glass window

— glazen raam

double-glazed glass

— dubbel glas

shopfront glass

— etalageglas

optica, lenzen en brillen


glass lens

— glazen lens

camera glass

— cameralens; objectiefglas

spectacle glass

— brilglas; brillenglazen

magnifying glass

— vergrootglas; loep

idiomatische uitdrukkingen


glass ceiling

— glazen plafond

glass half full

— het glas is halfvol

glass half empty

— het glas is halfleeg

clear as glass

— helder als glas

beschermend of speciaal glas; glasbehandeling


tempered glass

— gehard glas

bulletproof glass

— kogelvrij glas; pantserglas

frosted glass

— matglas; gebrand glas

safety glass

— veiligheidsglas