Vertaling van grandchild van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

grandchild

': kleinkind
Transcriptie: [ˈgrænʧaɪld]   US     UK 

Woordenboekartikel

noun

  1. kleinzoon m (grandson)
  2. kleinkind

Voorbeelden

verwantschappen of titels


 

grandchild

— kleinkind
 

eldest grandchild

— oudste kleinkind
 

youngest grandchild

— jongste kleinkind
 

only grandchild

— enige kleinkind
 

adopted grandchild

— adoptiefkleinkind

leeftijdsvolgorde of status


 

first grandchild

— eerste kleinkind
 

second grandchild

— tweede kleinkind
 

eldest surviving grandchild

— oudst overlevende kleinkind

zorg, voogdij of opvoeding


 

grandchild care

— kinderopvang voor kleinkind
 

take care of grandchild

— voor kleinkind zorgen
 

raise a grandchild

— een kleinkind opvoeden
 

babysit the grandchild

— op het kleinkind passen

feestdagen, evenementen of familierelaties


 

grandchild's birthday

— verjaardag van kleinkind
 

visit from a grandchild

— bezoek van kleinkind
 

spoil a grandchild

— een kleinkind verwennen

recht, financiën of erfenis


 

grandchild inheritance

— erfenis voor kleinkind
 

leave property to grandchild

— bezit nalaten aan kleinkind
 

trust for a grandchild

— trust voor kleinkind

vrije tijd, interactie of dagelijkse activiteiten


 

play with grandchild

— met kleinkind spelen
 

spend time with grandchild

— tijd doorbrengen met kleinkind
 

take grandchild to school

— kleinkind naar school brengen
 

read to grandchild

— aan kleinkind voorlezen

gezondheid, onderwijs of ontwikkeling


 

take grandchild to the doctor

— kleinkind naar de dokter brengen
 

medical care for grandchild

— medische zorg voor kleinkind
 

teach grandchild

— kleinkind leren
 

educate a grandchild

— een kleinkind onderwijzen

huisvesting, verblijf of ondersteuning


 

live with grandchild

— met kleinkind wonen
 

have a grandchild living with you

— een kleinkind bij u in huis hebben
 

support a grandchild financially

— een kleinkind financieel ondersteunen