Vertaling van harm van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

harm

': schaden, kwaad, benadelen, kwetsen, schaden toebrengen
Transcriptie: [hɑːm]

Woordenboekartikel

noun

  1. kwaad n (evil)
  2. schade f (injury)
  3. beschadiging f
  4. letsel n (injury)
  5. veroorzaken (cause)
  6. aanrichten (inflict)
  7. gewond (hurt)

verb

  1. schaden (affect)
  2. kwetsen (injure)
  3. schadelijk (damage)
  4. toebrengen (cause)
  5. berokkenen (injure)
  6. beschadigen (affect)
  7. geschaad (affect)
  8. nadelig (detrimental)
  9. afbreuk f (affect)
  10. aantasten (affect)

Voorbeelden

schade en letsel


 

cause harm

— schade veroorzaken
 

do harm

— schade toebrengen
 

suffer harm

— schade oplopen
 

harm to health

— gezondheidsschade

iemand schaden


 

harm someone

— iemand schaden
 

harm a child

— een kind schaden
 

harm the victim

— het slachtoffer schaden
 

harm yourself

— jezelf schaden

veiligheid en risico


 

no harm done

— er is niets aan de hand
 

come to no harm

— geen schade oplopen
 

be in harm's way

— in gevaar zijn
 

avoid harm

— schade vermijden

schadelijke gevolgen


 

cause lasting harm

— blijvende schade veroorzaken
 

do more harm than good

— meer kwaad dan goed doen
 

harm the environment

— het milieu schaden
 

harm public health

— de volksgezondheid schaden