Vertaling van he van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

he

': hij, mannetje
Transcriptie: [hiː]

Woordenboekartikel

pronoun

  1. hij
  2. hijzelf (he himself)

noun

  1. mannetje

Voorbeelden

eenvoudige bewering of koppelwerkwoord, werkwoord to be


 

he is

— hij is
 

he was

— hij was
 

he will be

— hij zal zijn
 

he is not

— hij is niet
 

he seems

— hij lijkt

hulpwerkwoorden of modale werkwoorden


 

he can

— hij kan
 

he could

— hij kon; hij zou kunnen
 

he must

— hij moet
 

he should

— hij zou moeten; hij had moeten
 

he might

— hij zou kunnen; misschien hij

perfecte en duratieve tijdsvormen


 

he has been

— hij is geweest; hij heeft zich bevonden
 

he had been

— hij was al geweest; hij bevond zich toen
 

he is doing

— hij is aan het doen; hij houdt zich bezig met
 

he was doing

— hij was aan het doen; hij hield zich bezig met
 

he is going to

— hij is van plan; hij is voornemens

spraak- of communicatiehandelingen


 

he said

— hij zei
 

he told me

— hij zei mij; hij deelde mij mee
 

he asked

— hij vroeg
 

he answered

— hij antwoordde
 

he warned us

— hij waarschuwde ons

bedoelingen, wensen of pogingen


 

he wants to

— hij wil
 

he hopes to

— hij hoopt
 

he plans to

— hij is van plan
 

he tries to

— hij probeert

combinaties met andere mensen of zaken


 

he and i

— hij en ik
 

he and she

— hij en zij
 

he and his friends

— hij en zijn vrienden
 

he with us

— hij met ons

nadruk, wederkerigheid of eenzaamheid


 

he himself

— hij zelf
 

he by himself

— hij alleen; hij in zijn eentje
 

he alone

— hij alleen; alleen hij
 

he on his own

— hij zelf; hij op eigen houtje

betrekkelijke en beschrijvende constructies of uitdrukkingen


 

he who laughs last

— wie het laatst lacht, lacht het best; de laatste lacht het best
 

he is out of town

— hij is buiten de stad; hij is weg
 

he is on fire

— het gaat hem voor de wind; hij is in vorm
 

he is up to something

— hij is iets van plan; hij broedt op iets