Vertaling van hinder van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

hinder

': belemmeren, hinderen, verhinderen, beletten, achterst
Transcriptie: [ˈhɪndə]

Woordenboekartikel

verb

  1. belemmeren (inhibit)
  2. hinderen (inhibit)
  3. verhinderen (inhibit)
  4. beletten (deter)
  5. belemmering f
  6. belemmerd (interfere)
  7. hinder m (interfere)
  8. bemoeilijken (complicate)
  9. hinderpaal m
  10. verstoren (interfere)

adjective

  1. achterst
  2. doorkruisend

Voorbeelden

belemmeren


 

hinder progress

— de vooruitgang belemmeren
 

hinder development

— de ontwikkeling afremmen
 

hinder growth

— de groei beperken
 

hinder success

— het succes in de weg staan

acties hinderen


 

hinder efforts

— inspanningen belemmeren
 

hinder work

— het werk bemoeilijken
 

hinder communication

— de communicatie hinderen
 

hinder access

— de toegang bemoeilijken

beweging beperken


 

hinder movement

— bewegingsvrijheid beperken
 

hinder mobility

— de mobiliteit verminderen
 

hinder breathing

— de ademhaling bemoeilijken
 

hinder free passage

— de vrije doorgang belemmeren

obstakels en factoren


 

hinder by delays

— vertraagd worden door vertragingen
 

hinder by bad weather

— gehinderd worden door slecht weer
 

hinder from doing something

— hinderen bij het doen van iets
 

nothing can hinder

— niets kan beletten