Vertaling van honest van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

honest

': eerlijk, oprecht, rechtschapen, braaf, eerbaar
Transcriptie: [ˈɒnɪst]

Woordenboekartikel

adjective

  1. eerlijk (fair, sincere)
  2. oprecht
  3. eerlijke m
  4. waarheid f (truthful)
  5. rechtschapen
  6. braaf
  7. eerbaar
  8. eerzaam
  9. degelijk
  10. deugdzaam

Voorbeelden

eerlijk, fatsoenlijk


 

an honest man

— een eerlijk man
 

an honest worker

— een toegewijde werker
 

an honest mistake

— een oprechte fout
 

honest business

— eerlijk zaken doen

oprecht, openhartig


 

an honest answer

— een eerlijk antwoord
 

an honest opinion

— een oprechte mening
 

be honest with me

— wees eerlijk tegen mij
 

an honest conversation

— een openhartig gesprek

waarheidsgetrouw, precies


 

an honest account

— een waarheidsgetrouw verslag
 

an honest report

— een betrouwbaar rapport
 

an honest assessment

— een objectieve beoordeling
 

an honest description

— een nauwkeurige beschrijving

betrouwbaar, nauwgezet


 

an honest effort

— een serieuze poging
 

an honest day's work

— een eerlijke dag werken
 

honest service

— betrouwbare dienstverlening
 

honest dealing

— eerlijk zakendoen