Vertaling van husband van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

husband

': man, echtgenoot, gemaal, eega, ontzien zuinig omspringen
Transcriptie: [ˈhʌzbənd]

Woordenboekartikel

noun

  1. echtgenoot m (wife)
  2. echtgenote f (wife)
  3. man
  4. gemaal
  5. eega

verb

  1. ontzien zuinig omspringen

Voorbeelden

burgerlijke staat of relatie


 

my husband

— mijn man
 

her husband

— haar man
 

their husband

— hun man
 

husband and wife

— man en vrouw
 

former husband

— ex-man
 

second husband

— tweede man

rollen of kwaliteiten


 

stay at home husband

— huisman
 

faithful husband

— trouwe man
 

supportive husband

— steunende man
 

dutiful husband

— plichtsgetrouwe man

informele en vaste uitdrukkingen


 

husband material

— huwelijksmateriaal
 

to find a husband

— een man vinden
 

get a husband

— een man krijgen
 

marry your husband

— trouwen met je man

juridische of formele uitdrukkingen


 

lawful husband

— wettige man
 

estranged husband

— vervreemde man
 

surviving husband

— overlevende man

werkwoord, sparen of beheren


 

to husband

— sparen
 

to husband resources

— middelen sparen
 

to husband supplies

— voorraden sparen