Vertaling van identity van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

identity

': identiteit, persoonlijkheid, overeenstemming, individualiteit, eenzelvigheid
Transcriptie: [aɪˈdentɪtɪ]

Woordenboekartikel

noun

  1. identiteit f (identification, individuality)
  2. persoonlijkheid f
  3. identiteitskaart f (identification)
  4. identiteitsbewijs n (identification)
  5. ID m (identification)
  6. identificatie f (identification)
  7. legitimatiebewijs n (identification)
  8. identificatiegegevens f (identification)
  9. persoonlijke (personality)
  10. persoonsgegevens f (personal data)

Voorbeelden

persoonlijke of individuele identiteit


personal identity

— persoonlijke identiteit; individuele identiteit

sense of identity

— identiteitsgevoel; gevoel van eigen identiteit

identity formation

— identiteitsvorming; vorming van de persoonlijkheid

identity development

— identiteitsontwikkeling; persoonlijkheidsvorming

nationale of culturele identiteit


national identity

— nationale identiteit; nationaal zelfbewustzijn

cultural identity

— culturele identiteit

ethnic identity

— etnische identiteit

collective identity

— collectieve identiteit

genderidentiteit


gender identity

— genderidentiteit

transgender identity

— transgenderidentiteit

gender identity expression

— uitdrukking van genderidentiteit; gender-expressie

digitale of online identiteit


digital identity

— digitale identiteit

online identity

— online-identiteit

user identity

— gebruikersidentiteit

identity management

— identiteitsbeheer; beheer van gebruikersidentiteiten

identiteitsbewijs of -documenten


identity card

— identiteitskaart; identiteitsbewijs

identity document

— identiteitsdocument; document ter identificatie

proof of identity

— identiteitsbewijs; bewijs van identiteit

national identity card

— nationaal identiteitsbewijs

identiteitsdiefstal of identiteitsfraude


identity theft

— identiteitsdiefstal; diefstal van persoonsgegevens

identity fraud

— identiteitsfraude; fraude met persoonsgegevens

stolen identity

— gestolen identiteit

bedrijfs- of merkidentiteit


corporate identity

— corporate identiteit; huisstijl

brand identity

— merkidentiteit; huisstijl

visual identity

— visuele identiteit; visuele huisstijl

wiskundige of identieke identiteit


identity matrix

— eenheidsmatrix

identity function

— identieke functie

algebraic identity

— algebraïsche identiteit; identieke gelijkheid

identity equation

— identieke vergelijking; identieke gelijkheid

controle of bevestiging van identiteit


identity verification

— identiteitscontrole; identiteitsverificatie

identity authentication

— identiteitsauthenticatie; authenticatie van identiteit

identity confirmation

— identiteitsbevestiging; bevestiging van identiteit

sociale of politieke identiteit


social identity

— sociale identiteit

group identity

— groepsidentiteit

political identity

— politieke identiteit

identity politics

— identiteitspolitiek; politiek van identiteit