Vertaling van impeach van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

impeach

': beschuldigen, aanklagen, in twijfel trekken, in diskrediet brengen, verdacht maken
Transcriptie: [ˌɪmˈpiːtʃ]

Voorbeelden

impeachment


impeach the president

— de president afzetten

move to impeach

— een motie tot afzetting indienen

impeach a governor

— een gouverneur afzetten

impeach for corruption

— afzetten wegens corruptie

beschuldigen van ambtsmisdrijf


impeach a judge

— een rechter beschuldigen van ambtsmisdrijf

impeach an official

— een ambtenaar beschuldigen

impeach a minister

— een minister beschuldigen

het vertrouwen ondermijnen


impeach a witness

— het vertrouwen in een getuige ondermijnen

impeach the evidence

— het bewijs in twijfel trekken

impeach the credibility

— de geloofwaardigheid ondermijnen