Vertaling van imply van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

imply

': impliceren, insluiten, verstaan geven
Transcriptie: [ɪmˈplaɪ]

Woordenboekartikel

verb

  1. impliceren (mean)
  2. betekenen
  3. inhouden (mean)
  4. aangeven (indicate)
  5. veronderstellen (presuppose)
  6. suggereren
  7. insluiten
  8. verstaan geven

Voorbeelden

impliceren


imply a meaning

— een betekenis impliceren

imply a conclusion

— een conclusie impliceren

imply that...

— impliceren dat...

what does this imply?

— wat impliceert dit?

hinten


imply criticism

— kritiek impliceren

imply approval

— goedkeuring impliceren

imply something indirectly

— ergens indirect op zinspelen

imply a threat

— een dreiging impliceren

voortvloeien uit


the evidence implies

— uit het bewijs volgt

the results imply

— uit de resultaten volgt

the data imply

— uit de gegevens volgt

this implies that

— dit houdt in dat

veronderstellen


imply a possibility

— een mogelijkheid veronderstellen

imply a relationship

— een relatie veronderstellen

imply a cause

— een oorzaak veronderstellen

imply a change

— een verandering veronderstellen