Vertaling van import van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

import

': importeren, invoer, import, invoeren, belang
Transcriptie: [ˈɪmpɔːt]

Woordenboekartikel

verb

  1. importeren (importation)
  2. geïmporteerd
  3. invoeren
  4. betekenen
  5. van belang zijn
  6. beduiden
  7. te kennen geven
  8. inhouden

noun

  1. import m (importation, enter)
  2. invoer m
  3. betekenis f
  4. importbewerking f (import operation)
  5. belang
  6. aanvoer
  7. gewicht
  8. invoerartikel

adjective

  1. gewichtig
  2. ernstig

Voorbeelden

goedereninvoer


import goods

— goederen invoeren

import restrictions

— invoerbeperkingen

import duties

— invoerrechten

import license

— invoervergunning

importeren


import raw materials

— grondstoffen importeren

import machinery

— machines importeren

import food products

— levensmiddelen importeren

import from China

— importeren uit China

computerimport


import data

— gegevens importeren

import a file

— een bestand importeren

import settings

— instellingen importeren

import contacts

— contactpersonen importeren