Vertaling van impose van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

impose

': opleggen, opdringen, forceren, opmaken
Transcriptie: [ɪmˈpoʊz]   US     UK 

Woordenboekartikel

verb

  1. opleggen (apply)
  2. opdringen
  3. leggen (introduce)
  4. voorschrijven (dictate)
  5. belasten (tax)
  6. voeren (enter)
  7. forceren
  8. opmaken