Vertaling van impress van Engels naar Nederlands
Vertaling van het woord '
impress
Transcriptie: [ˈɪmpres] US
UK
Woordenboekartikel
verb
- indruk m
- imponeren (convince)
- overtuigen
- indrukwekkend
- verrassen (amaze)
- verbazen
- versteld (amaze)
- indruk maken op
- prenten
- inprenten
noun
- afdruk