Vertaling van indwelling van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

indwelling

': verblijf, verblijvend, oponthoud, wonend
Transcriptie: [ˈɪnˈdwelɪŋ]

Woordenboekartikel

noun

  1. inwoning m
  2. verblijf
  3. oponthoud

adjective

  1. verblijvend
  2. wonend

Voorbeelden

verblijf


indwelling in the body

— verblijf in het lichaam

indwelling of the spirit

— verblijf van de geest

indwelling presence

— innerlijke aanwezigheid

permanent wonend


indwelling resident

— permanent wonende bewoner

indwelling population

— permanente bevolking

indwelling family

— permanent wonend gezin

inherent, eigen


indwelling quality

— inherente eigenschap

indwelling power

— innerlijke kracht

indwelling tendency

— inherente neiging

medisch


indwelling catheter

— verblijfskatheter

indwelling drain

— verblijfsdrain

indwelling device

— implanteerbaar apparaat