Vertaling van insignificant van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

insignificant

': onbeduidend, onbetekenend, beuzelachtig, luizig
Transcriptie: [ɪnsɪgˈnɪfɪkənt]

Woordenboekartikel

adjective

  1. onbeduidend (negligible)
  2. onbelangrijk (irrelevant)
  3. gering (small)
  4. verwaarloosbaar (negligible)
  5. onbetekenend
  6. beuzelachtig
  7. luizig

Voorbeelden

onbeduidend


an insignificant detail

— een onbeduidend detail

an insignificant difference

— een onbeduidend verschil

an insignificant change

— een onbeduidende verandering

an insignificant amount

— een onbeduidend bedrag

onopvallend


an insignificant mark

— een onopvallende vlek

an insignificant figure

— een onopvallende figuur

an insignificant presence

— een onopvallende aanwezigheid

an insignificant role

— een onopvallende rol

onbelangrijk


an insignificant issue

— een onbelangrijke kwestie

an insignificant matter

— een onbelangrijke zaak

an insignificant point

— een onbelangrijk punt

insignificant to the case

— onbelangrijk voor de zaak

klein


an insignificant sum

— een klein bedrag

an insignificant expense

— een kleine uitgave

an insignificant loss

— een klein verlies

insignificant compared with

— klein vergeleken met