Vertaling van install van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

install

': installeren, plaatsen, bevestigen, aanleggen, fitten
Transcriptie: [ɪnˈstɔːl]

Woordenboekartikel

verb

  1. installeren (reinstall)
  2. plaatsen (insert)
  3. geïnstalleerd
  4. installatie f
  5. gemonteerd (assemble)
  6. monteren (mount)
  7. montage f (mount)
  8. inbouw m
  9. inbouwen
  10. opzetten n (deploy)

Voorbeelden

het installeren van software of applicaties


install software

— software installeren

install an application

— een applicatie installeren

install a program

— een programma installeren

install updates

— updates installeren

install a driver

— een stuurprogramma installeren

install a patch

— een patch installeren

install a plugin

— een plug-in installeren

install an extension

— een extensie installeren

install a package

— een pakket installeren

install from source

— installeren vanuit de broncode

install via package manager

— installeren via de pakketbeheerder

het installeren van hardware of montage


install hardware

— hardware installeren

install a printer

— een printer installeren

install a router

— een router installeren

install a hard drive

— een harde schijf installeren

install solar panels

— zonnepanelen installeren

install a security system

— een beveiligingssysteem installeren

install a thermostat

— een thermostaat installeren

install insulation

— isolatie aanbrengen

install a light fixture

— een armatuur installeren

install wiring

— bedrading aanleggen

iemand installeren als voorzitter


install someone as chair

— iemand installeren als voorzitter

be installed as president

— worden geïnstalleerd als president

install a bishop

— een bisschop wijden

install into office

— in functie installeren

het invoeren van regels of toestanden


install discipline

— discipline aanbrengen

install confidence

— vertrouwen inboezemen

install habits

— gewoonten aanleren

install a policy

— een beleid invoeren

install a regime

— een regime instellen

installatie met aanpassing of voorbereiding


install and configure

— installeren en configureren

install prerequisites

— vereisten installeren

install dependencies

— afhankelijkheden installeren

install and run

— installeren en uitvoeren

install for all users

— installeren voor alle gebruikers

install for current user

— installeren voor de huidige gebruiker