Vertaling van insurer van Engels naar Nederlands
Vertaling van het woord '
insurer
Transcriptie: [ɪnˈfʊ(ə)rə]
Woordenboekartikel
noun
- verzekeraar m (insurance)
- verzekeringsmaatschappij f
- zorgverzekeraar m (health insurer)
- verzekerde m (insured)
- assuradeur
Voorbeelden
verzekeraar
the insurer
— de verzekeraarthe insurer pays
— de verzekeraar betaaltthe insurer covers losses
— de verzekeraar dekt verliezenverzekeringsmaatschappij
major insurer
— grote verzekeraarprivate insurer
— particuliere verzekeraarhealth insurer
— zorgverzekeraarverzekeringnemer
the insurer and the insured
— de verzekeraar en de verzekerdethe insurer's client
— de klant van de verzekeraarnotify the insurer
— de verzekeraar op de hoogte stellenverzekeringsdekking
insurer liability
— aansprakelijkheid van de verzekeraarinsurer coverage
— dekking van de verzekeraarinsurer claim
— schadeclaim bij de verzekeraar