Vertaling van interrupt van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

interrupt

': onderbreken, storen, afbreken, interrumperen, belemmeren
Transcriptie: [ɪntəˈrʌpt]   US     UK 

Woordenboekartikel

verb

  1. onderbreken (stop)
  2. storen (disrupt)
  3. onderbroken (disrupt)
  4. interrupt m
  5. onderbreekt (disrupt)
  6. onderbreking f (suspend)
  7. onderbreek (abort)
  8. afgebroken (abort)
  9. verstoren (disrupt)
  10. gestoord (disrupt)