Vertaling van interrupt van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

interrupt

': onderbreken, storen, afbreken, interrumperen, belemmeren
Transcriptie: [ɪntəˈrʌpt]

Woordenboekartikel

verb

  1. onderbreken (stop)
  2. storen (disrupt)
  3. onderbroken (disrupt)
  4. interrupt m
  5. onderbreekt (disrupt)
  6. onderbreking f (suspend)
  7. onderbreek (abort)
  8. afgebroken (abort)
  9. verstoren (disrupt)
  10. gestoord (disrupt)

Voorbeelden

iemand onderbreken


interrupt someone

— iemand onderbreken

interrupt a conversation

— een gesprek onderbreken

interrupt the speaker

— de spreker onderbreken

interrupt a meeting

— een vergadering onderbreken

interrupt a speech

— een toespraak onderbreken

interrupt someone's train of thought

— iemands gedachtegang onderbreken

een proces onderbreken


interrupt a process

— een proces onderbreken

interrupt an operation

— een operatie onderbreken

interrupt work

— werk onderbreken

interrupt production

— productie onderbreken

interrupt treatment

— behandeling onderbreken

interrupt studies

— studie onderbreken

de stroomtoevoer onderbreken


interrupt the power supply

— de stroomtoevoer onderbreken

interrupt electricity

— de elektriciteit onderbreken

interrupt the connection

— de verbinding verbreken

interrupt the transmission

— de transmissie onderbreken

interrupt a signal

— een signaal onderbreken

interrupt internet service

— internetservice onderbreken

hardware-interrupt


hardware interrupt

— hardware-interrupt

software interrupt

— software-interrupt

interrupt handler

— interrupthandler

trigger an interrupt

— een interrupt genereren

generate an interrupt

— een interrupt genereren

mask an interrupt

— een interrupt maskeren

interrupt request

— interruptverzoek

interrupt-driven input output

— interruptgestuurde in- en uitvoer

een zwangerschap afbreken


interrupt a pregnancy

— een zwangerschap afbreken