Vertaling van interview van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

interview

': interview, interviewen, vraaggesprek, samenkomst, persgesprek
Transcriptie: [ˈɪntəvjuː]

Woordenboekartikel

noun

  1. interview n (conversation, job interview)
  2. gesprek n
  3. sollicitatiegesprek n
  4. ondervraging f (interrogation)
  5. bespreking f (conversation)
  6. enquête f (survey)
  7. vraaggesprek
  8. samenkomst
  9. persgesprek

verb

  1. interviewen
  2. praat (conversation)

Voorbeelden

sollicitatiegesprek of toelatingsgesprek


job interview

— sollicitatiegesprek

phone interview

— telefonisch sollicitatiegesprek

video interview

— video-sollicitatiegesprek, sollicitatiegesprek via videoverbinding

face-to-face interview

— persoonlijk sollicitatiegesprek

panel interview

— gesprek met een commissie, panegesprek

one-on-one interview

— individueel sollicitatiegesprek

group interview

— groepssollicitatiegesprek

on-site interview

— sollicitatiegesprek op de werkplek, fysiek gesprek op de locatie van de werkgever

screening interview

— voorbereidend gesprek, screeningsgesprek

final interview

— eindgesprek, sollicitatiegesprek in de laatste ronde

first interview

— eerste gesprek, kennismakingsgesprek

mock interview

— trainingsgesprek, proefgesprek

second interview

— tweede gesprek, vervolggesprek in de sollicitatieprocedure

journalistiek interview of media-interview


press interview

— interview voor de pers, persinterview

television interview

— televisie-interview

radio interview

— radio-interview, interview op de radio

broadcast interview

— uitgezonden interview, radio- of televisie-interview

live interview

— live-interview, interview in de rechtstreekse uitzending

exclusive interview

— exclusief interview

sit-down interview

— diepte-interview, interview in gespreksvorm

in-depth interview

— diepgaand interview, uitvoerig interview

actie, rollen of proces


to interview

— een sollicitatiegesprek voeren, een interview afnemen

to be interviewed

— op sollicitatiegesprek gaan, een interview geven

interviewer

— interviewer, gespreksleider

interviewee

— geïnterviewde, kandidaat in een sollicitatiegesprek

conduct an interview

— een interview afnemen, een sollicitatiegesprek houden

give an interview

— een interview geven

sit for an interview

— een sollicitatiegesprek ondergaan

be invited to an interview

— uitgenodigd worden voor een sollicitatiegesprek

to arrange an interview

— een sollicitatiegesprek regelen, een interview plannen

to reschedule an interview

— een sollicitatiegesprek verplaatsen, een interview opnieuw plannen

typen methodieken of formaten


structured interview

— gestructureerd interview

unstructured interview

— ongestructureerd interview

behavioral interview

— gedragsgericht interview, sollicitatiegesprek met gedragsvragen

competency-based interview

— competentiegericht interview, competentiegericht sollicitatiegesprek

informational interview

— informatief interview, oriënterend gesprek

exit interview

— uitstapinterview, vertrekgesprek bij ontslag

follow-up interview

— vervolginterview, interview ter verduidelijking

in-depth interview

— diepte-interview, uitgebreid interview

organisatie en materialen van het interview


interview questions

— sollicitatievragen, interviewvragen

interview panel

— sollicitatiecommissie, panel van interviewers

interview schedule

— schema van sollicitatiegesprekken, interviewrooster

interview invitation

— uitnodiging voor een sollicitatiegesprek, uitnodiging voor een interview

interview feedback

— terugkoppeling over het sollicitatiegesprek, feedback op het interview

interview preparation

— voorbereiding op het sollicitatiegesprek, voorbereiding op het interview

interview tips

— tips voor het sollicitatiegesprek, adviezen voor het interview

interview stage

— fase van het sollicitatiegesprek, stadium van het interview