Vertaling van king van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

king

': koning, vorst, heer, magnaat
Transcriptie: [kɪŋ]

Woordenboekartikel

noun

  1. koning m (emperor)
  2. kingsize n
  3. King m
  4. vorst
  5. heer
  6. magnaat

Voorbeelden

de koning als monarch


king

— koning

the king

— de koning

king of England

— koning van Engeland; koning van Groot-Brittannië

king's crown

— koningskroon

king's palace

— koningspaleis; koninklijk paleis

to crown the king

— de koning kronen

schaken, kaarten of spelen


king (chess)

— koning (schaken)

king (cards)

— koning (kaarten)

king of hearts

— hartenheer

king me

— geef me een koning; promoveer me tot koning (bij dammen)

dieren of natuur


king cobra

— koningscobra

kingfisher

— ijsvogel

king crab

— koningskrab; kamtsjatkakrabb

samenstellingen, grootte of aanduiding van maat


king-size

— kingsize; zeer groot

king-sized bed

— bed van kingsize

uitdrukkingen of gezegden


king of the hill

— de baas zijn; leider

long live the king

— lang leve de koning

a king among men

— een koning onder de mensen; een uitmuntend persoon

to be king

— koning zijn; domineren

for king and country

— voor koning en vaderland

titels, aanspreekvormen of namen


King Henry

— koning Hendrik

His Majesty the King

— Zijne Majesteit de Koning

king consort

— prins-gemaal