Vertaling van know van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

know

': weten, kennen, begrijpen, verstaan, herkennen
Transcriptie: [nəʊ]

Woordenboekartikel

verb (knew, known)

  1. weten (learn, realize, recognize)
  2. kennen
  3. begrijpen (realize, figure)
  4. weet
  5. wisten
  6. wel (be)
  7. kennis f (meet)
  8. geweten
  9. beseffen
  10. inzien

Voorbeelden

kennis hebben, op de hoogte zijn


know the answer

— het antwoord weten

know the facts

— de feiten kennen

know the truth

— de waarheid kennen

know about it

— ervan weten

bekend zijn


know someone well

— iemand goed kennen

know each other

— elkaar kennen

know by name

— bij naam kennen

know a place

— een plaats kennen

kunnen, beheersen


know how to swim

— kunnen zwemmen

know how to drive

— kunnen autorijden

know the rules

— de regels kennen

know a language

— een taal kennen

ervaren, doormaken


know pain

— pijn ervaren

know fear

— angst kennen

know hardship

— ontberingen kennen

know joy

— vreugde ervaren

zich bewust zijn, begrijpen


know better

— beter weten

know for sure

— zeker weten

know what to do

— weten wat te doen

know the difference

— het verschil begrijpen