Vertaling van life van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

life

': leven, levensduur, levenswijze, levendigheid, energie
Transcriptie: [laɪf]

Woordenboekartikel

noun

  1. leven n (lives, lifetime, living)
  2. levensduur m
  3. levende m
  4. Life m (lifetime)
  5. bestaan n (existence)
  6. levend (living)
  7. live m
  8. productleven n
  9. leefden (living)
  10. levenswijze

Voorbeelden

bestaan of betekenis


the meaning of life

— de zin van het leven

the value of life

— de waarde van het leven

quality of life

— levenskwaliteit

levensduur of gezondheid


life expectancy

— levensverwachting

life span

— levensduur

life support

— levensondersteuning

life-saving measures

— levensreddende maatregelen

life-threatening condition

— levensbedreigende toestand

levenswijze of dagelijks leven


a way of life

— een levenswijze

lifestyle choices

— leefstijlkeuzes

daily life

— dagelijks leven

persoonlijk leven of relaties


private life

— privéleven

love life

— liefdesleven

family life

— gezinsleven

life partner

— levenspartner

werk, carrière of openbaar leven


working life

— werkzaam leven

professional life

— beroepsleven

social life

— sociaal leven

public life

— openbaar leven

natuur, flora en fauna


marine life

— zeeleven

plant life

— plantenleven

animal life

— dierenleven

wildlife

— wilde dieren

recht, veiligheid of financiën


life sentence

— levenslange gevangenisstraf

life insurance

— levensverzekering

life savings

— levensspaarrekening

life jacket

— reddingsvest

lifeboat

— reddingsboot

hiernamaals of religieuze thema's


afterlife

— hiernamaals

eternal life

— eeuwig leven

idiomen of vaste uitdrukkingen


a new lease on life

— een nieuwe kans in het leven

the circle of life

— de kringloop van het leven

life and death

— leven en dood