Vertaling van manoeuvre van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

manoeuvre

': manoeuvreren, manoeuvre, kunstgreep, kuipen, rangeren
Transcriptie: [məˈnuːvə]   US     UK 

Woordenboekartikel

verb

  1. manoeuvreren (maneuver)
  2. manoevreren
  3. wendbaar
  4. kuipen
  5. rangeren
  6. intrigeren

noun

  1. manoeuvre n (maneuver)
  2. gemanoeuvreerd
  3. kunstgreep

Voorbeelden

fysieke verplaatsing of manoeuvreren


 

to manoeuvre around an obstacle

— om een obstakel heen manoeuvreren; een obstakel omzeilen
 

to manoeuvre into position

— manoeuvreren om een positie in te nemen; een positie innemen door te manoeuvreren
 

a skilful manoeuvre

— een behendig manoeuvre
 

to manoeuvre through a crowd

— zich een weg banen door een menigte; door de menigte manoeuvreren

militaire of tactische manoeuvres


 

a military manoeuvre

— een militaire manoeuvre
 

to manoeuvre troops

— troepen manoeuvreren; troepen verplaatsen
 

a flanking manoeuvre

— een flankerend manoeuvre; een omtrekkende beweging
 

a tactical manoeuvre

— een tactisch manoeuvre; een tactische zet

politieke of strategische acties


 

a political manoeuvre

— een politiek manoeuvre; een politieke intrige
 

to manoeuvre for power

— manoeuvreren om de macht; de macht najagen door te manoeuvreren
 

to manoeuvre public opinion

— de publieke opinie manipuleren; met de publieke opinie manoeuvreren

een auto in een parkeervak manoeuvreren; door te manoeuvreren parkeren


 

to manoeuvre a car into a parking space

— een manoeuvre in achteruit; achteruit inparkeren
 

a reversing manoeuvre

— manoeuvreren in nauwe bochten; nauwe bochten nemen door te manoeuvreren
 

to manoeuvre around tight corners

— juridische of administratieve trucs

een juridisch manoeuvre; een juridische truc


 

a legal manoeuvre

— regelgeving omzeilen; om de regels heen manoeuvreren
 

to manoeuvre around regulations

— een bureaucratisch manoeuvre; een administratieve handigheid
 

a bureaucratic manoeuvre

— sport en tactische zetten

een tegenstander passeren; langs een tegenstander manoeuvreren


 

to manoeuvre past an opponent

— een tactisch manoeuvre in het voetbal; een tactische zet in het voetbal
 

a tactical manoeuvre in football

— manoeuvreren om in scoringspositie te komen; een positie innemen om te scoren
 

to manoeuvre into scoring position

— medische of chirurgische handelingen

een chirurgisch manoeuvre; een chirurgische handeling


 

a surgical manoeuvre

— de patiënt verplaatsen; de patiënt in de juiste houding manoeuvreren
 

to manoeuvre the patient

— de patiënt manoeuvreren