Vertaling van marital van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

marital

': echtelijk, van de echtgenoot, huwelijks-
Transcriptie: [ˈmærɪtl]   US     UK 

Woordenboekartikel

adjective

  1. huwelijk n (married)
  2. huwelijksproblemen f (marriage problems)
  3. echtelijk
  4. van de echtgenoot
  5. huwelijks-

Voorbeelden

huwelijksrelatie


 

marital relationship

— huwelijksrelatie
 

marital bond

— huwelijksband
 

marital partnership

— huwelijkspartnerschap

gezinsleven


 

marital life

— gezinsleven
 

marital home

— gezinswoning
 

marital duties

— huwelijkse plichten

huwelijksproblemen


 

marital problems

— huwelijksproblemen
 

marital conflict

— huwelijksconflict
 

marital breakdown

— echtscheiding

burgerlijke staat


 

marital status

— burgerlijke staat
 

marital rights

— huwelijkse rechten
 

marital property

— huwelijksgoederengemeenschap