Vertaling van momentum van Engels naar Nederlands


Vertaling van het woord '

momentum

': moment, stuwkracht
Transcriptie: [məʊˈmentəm]   US     UK 

Woordenboekartikel

noun

  1. stuwkracht f
  2. Momentum n
  3. dynamiek m (dynamics)
  4. impuls m (impetus)
  5. opleeft
  6. moment

Voorbeelden

fysica en mechanica


 

conservation of momentum

— behoud van impuls
 

linear momentum

— lineair momentum; impuls
 

angular momentum

— impulsmoment; draaiimpuls
 

momentum transfer

— impulsoverdracht; overdracht van momentum
 

momentum vector

— impulsvector

financiën of handel


 

momentum trading

— momentumhandel; handelen op basis van momentum
 

momentum indicator

— momentumindicator; indicator voor momentum
 

momentum strategy

— momentumstrategie; strategie gericht op dynamiek
 

momentum stock

— momentum-aandeel; aandeel met sterke dynamiek
 

loss of momentum

— verlies van momentum; verzwakking van de dynamiek

sport of wedstrijden


 

gain momentum

— momentum winnen; vaart krijgen
 

lose momentum

— momentum verliezen; vaart verliezen
 

build momentum

— momentum opbouwen; vaart krijgen
 

shift momentum

— het verloop van de wedstrijd veranderen; het tij keren
 

momentum swing

— momentumwisseling; plotse omslag in de dynamiek

politiek of sociale bewegingen


 

political momentum

— politiek momentum; politieke dynamiek
 

gather momentum

— momentum verzamelen; kracht winnen
 

momentum behind

— momentum achter; steun in de vorm van dynamiek
 

momentum for reform

— momentum voor hervormingen; stimulans voor verandering

bedrijf, projecten of startups


 

maintain momentum

— momentum behouden; dynamiek behouden
 

momentum in a project

— dynamiek van een project; momentum van een project
 

lose momentum in development

— dynamiek verliezen in de ontwikkeling; de ontwikkeling vertragen
 

momentum for growth

— momentum voor groei; stimulans voor groei

idiomen en algemene uitdrukkingen


 

momentum is building

— het momentum groeit; de dynamiek neemt toe
 

ride the momentum

— profiteren van het momentum; op de golf meegaan
 

carry momentum

— momentum meenemen; dynamiek behouden
 

use the momentum

— het momentum gebruiken; gebruikmaken van het moment