Vertaling van neighbour van Engels naar Nederlands
Vertaling van het woord '
neighbour
Transcriptie: [ˈneɪbə]
Woordenboekartikel
noun
- buurman m
- buur m
- naaste (neighbor)
- buurvrouw f (neighbor)
- buren f (neighbor, its neighbours)
- buurland n (neighbor)
- nabuur
- gebuur
- nevenman
- concurrent
adjective
- neighbor m
verb
- grenzen
- grenzen aan
- begrenzen
- benaderen
- als buren omgaan
Voorbeelden
buurman in huis
next-door neighbour
— buurman naast de deurfriendly neighbour
— vriendelijke buurmannew neighbour
— nieuwe buurmanneighbour across the hall
— overbuurmanburen in de omgeving
the neighbours
— de burenneighbourhood neighbours
— buurtbewonerstalk to the neighbours
— met de buren pratenhelp a neighbour
— een buur helpenbuurland
neighbouring country
— buurlandneighbouring region
— buurregioneighbouring village
— buurdorpneighbouring state
— buurstaatburen en relaties
good neighbours
— goede burenbad neighbour
— slechte buurbe a good neighbour
— een goede buur zijnneighbourly relations
— goede nabuurschap